Suriname en de Eeuwige Dans met Politieke Schandalen
- Johny Griffith

- Feb 16
- 4 min read

Suriname heeft een rijke geschiedenis, maar helaas ook een lange traditie van politieke schandalen. Van de militaire dictatuur in de jaren ’80 tot de recente corruptieonderzoeken, het lijkt alsof elk decennium zijn eigen “hoogtepunt” van wantrouwen en misbruik kent. Het resultaat? Een bevolking die steeds minder gelooft dat politiek iets anders is dan een toneelstuk met slechte acteurs.
De Jaren ’80: Dictatuur en Duistere Daden
Onder het bewind van Desi Bouterse werden de Decembermoorden van 1982 een litteken op de nationale geschiedenis. Politieke tegenstanders verdwenen, en de staat werd een instrument van angst. Transparantie? Dat woord stond toen niet eens in het woordenboek. Bouterse’s erfenis is een cultuur van wantrouwen en machtsmisbruik die tot vandaag doorwerkt.
De Jaren ’90: Democratie met Kinderziektes
Na de terugkeer naar democratie hoopten velen op een frisse start. Maar al snel kwamen verhalen van nepotisme, vriendjespolitiek en dubieuze deals. Het leek alsof de democratie vooral een nieuwe verpakking was voor oude gewoontes. Een oppositielid sneerde destijds: “We hebben de dictatuur ingeruild voor een democratie van familiebedrijven.”

De Jaren 2000: Olie, Goud en Verdwenen Miljoenen
Met de ontdekking van natuurlijke rijkdommen zoals olie en goud ontstond een nieuwe bron van schandalen. Contracten verdwenen in rook, opbrengsten kwamen niet terecht bij de bevolking, en ministers leken meer bezig met hun eigen zakken dan met het land. Het leek bijna alsof “verdwijnende miljoenen” een standaard hoofdstuk waren in elk beleidsplan.
De Recente Jaren: Corruptie als Norm
Transparency International plaatst Suriname in 2025 op plaats 96 van 182 landen, met een score van 38/100 op de Corruption Perceptions Index. Dat betekent een positie onder het mondiale gemiddelde en een verslechtering ten opzichte van 2024. Corruptie is dus geen incident, maar een structureel probleem dat de economie verlamt.
Uit een survey van de Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB) blijkt dat ruim 70% van de ondernemers corruptie en informele praktijken zien als de grootste negatieve impact op zakendoen. Daarnaast vindt 75% van de respondenten het overheidsbeleid ter stimulering van de particuliere sector slecht of zeer slecht.
Economische cijfers onderstrepen dit beeld:
De werkloosheid blijft hoog, met schattingen rond de 11–13% van de beroepsbevolking.
De inflatie schommelt rond de 25–30%, waardoor koopkracht steeds verder afneemt.
Buitenlandse investeringen zijn de afgelopen jaren gedaald, omdat bedrijven Suriname zien als een risicovolle markt door corruptie en instabiliteit.
Het IMF waarschuwde in februari 2026 dat de bruto-schuld van Suriname is gestegen tot circa 106% van het bbp, en dat het tekort op de lopende rekening meer dan 30% van het bbp bedraagt, grotendeels door importen voor offshore-olieprojecten .
De Wereldbank benadrukt dat zonder structurele hervormingen Suriname’s economische groei van 3,7% in 2026 en een verwachte inflatie van 9,6% slechts tijdelijk zullen zijn .

Santokhi: Van Redder tot Teleurstelling
Toen Chandrikapersad “Chan” Santokhi in 2020 president werd, presenteerde hij zich als de man die Suriname zou bevrijden van corruptie en vriendjespolitiek. Maar vier jaar later bleek dat de beloofde “clean government” vooral retoriek was.
Hij benoemde zijn echtgenote tot lid van het toezichtcollege van Staatsolie—een zet die breed werd gezien als nepotisme.
Hij probeerde grote landbouwgronden weg te geven aan een groep Mennonieten, wat leidde tot hevig protest.
Hij wilde gunstige mijnbouwconcessies verlenen aan een Chinese aluminiumonderneming. Beide plannen werden uiteindelijk stopgezet door publieke druk.
In 2024 kwam er een officieel onderzoek naar mogelijke corruptie rond Santokhi en enkele ministers, waarbij sprake was van een dubieuze uitbetaling van 7,5 miljoen dollar aan een vastgoedbedrijf op basis van vervalste documenten.
Een Surinaamse journalist schreef cynisch: “Santokhi beloofde een schoon huis, maar begon met het ophangen van familieportretten in de woonkamer.”
Operatie ‘Clean Sweep’: Symboolpolitiek?
In 2026 startte de politie Operatie ‘Clean Sweep’ in het Royal Hill–Redi Bergi-gebied, waarbij illegale kampen werden afgebroken. De actie werd gepresenteerd als bewijs van daadkracht, maar critici zagen het vooral als een afleidingsmanoeuvre. Een oppositielid sneerde: “Ze ruimen kampen op in het binnenland, maar de echte kampen zitten in de regeringsgebouwen.” Download for free
Internationale Vergelijkingen: Suriname is Niet Alleen
Suriname staat niet op zichzelf. In de regio zien we vergelijkbare patronen:
Guyana: Ondanks de olieboom worstelt het land met corruptie en wantrouwen. Contracten met buitenlandse bedrijven worden vaak geheim gehouden, en burgers vragen zich af of de rijkdom ooit bij hen terechtkomt.
Venezuela: Hier is corruptie verweven met autoritair bestuur. De olieopbrengsten verdwenen in de zakken van een kleine elite, terwijl de bevolking in armoede achterbleef.
Haïti: Politieke instabiliteit en corruptie hebben het land decennialang verlamd. Internationale hulp verdwijnt vaak in bureaucratische doolhoven en zakken van machthebbers.
Suriname’s situatie is dus minder uniek, maar des te tragischer: het land herhaalt dezelfde fouten die buurlanden al decennia maken.

Vragen die dan opkomen
Is corruptie in Suriname een misdaad, of gewoon een nationale traditie die van generatie op generatie wordt doorgegeven?
Als Bouterse miljoenen liet verdwijnen en Santokhi zijn vrouw benoemde, is dat dan vooruitgang of gewoon een nieuwe stijl van hetzelfde oude spel?
Operatie ‘Clean Sweep’ klinkt stoer, maar wie durft de echte schoonmaak te doen in de regeringsgebouwen?
Moet Suriname internationale hulp inschakelen, of is dat gewoon een nieuwe kans voor nóg een corruptieschandaal met buitenlandse spelers?
Als burgers het vertrouwen verliezen, is dat dan een ramp voor de democratie, of juist een slimme manier om teleurstellingen te vermijden?
En de ultieme vraag: is Suriname een land met corruptie, of is corruptie een land dat toevallig Suriname heet?

Opinie: Tijd om te Breken met Oude Politiek
Waarom blijven we nog steeds dealen met dezelfde oude politiek? Generatie na generatie zien we dezelfde namen, dezelfde verhalen, dezelfde patronen van corruptie en wantrouwen. Het lijkt alsof Suriname gevangen zit in een eindeloze herhaling, een dans die nooit stopt. Maar elke helder denkende nationalist weet: dit kan niet zo doorgaan.
Er is verjonging nodig. Niet alleen qua leeftijd, maar qua mentaliteit. Nieuwe stemmen, nieuwe ideeën, nieuwe energie. Politiek moet niet langer een erfstuk zijn dat van vader op zoon wordt doorgegeven, maar een arena waar visie en daadkracht tellen.
De vraag is niet langer of er vernieuwing moet komen, maar wanneer we eindelijk durven te breken met het verleden. Het is tijd dat Suriname kiest voor een nieuwe generatie leiders die niet belast zijn met de schaduwen van oude schandalen.
Als jij deze mening deelt, laat het weten in de reacties. Want zwijgen is instemmen. En instemmen is medeplichtigheid.





Comments